Hoe speel je het potspel

Het Potspel wordt gespeeld in poules. Je geeft bij registratie aan of je in de poule van 12 uur, 13 uur of 14 uur wilt spelen. De finale is om 15.00 uur. Vlak vóór de wedstrijd bevestigt de wedstrijdcommissaris de definitieve poulesamenstelling. Bij begin van de poulewedstrijd trekken de deelnemers van die poule een lootje voor het bepalen van de beurtvolgorde.

Het biljart staat gereed. Kleine houten kegeltjes staan op het laken en in het midden ligt een groot houten ovaal uit 1914. Aan de zijkant ligt aan de korte band een witte bal, waarmee iedere speler speelt. Aan de andere zijde ligt de rode bal, die met de witte bal moet worden geraakt.

Waar bij de meeste sporten een eerlijke competitie wordt nagestreefd, is dit bij het potspel uitdrukkelijk niet het geval. De bedoeling is dat je elkaar zoveel mogelijk dwars zit en dat kan de één nu eenmaal beter dan de ander. De historie leert dat dit vooral met geluk te maken heeft. Erg belangrijk is dus te weten wie er vóór je zit en dat is door het getrokken lootje bepaald.

 Bij het missen van de rode bal scoor je een “Poedel”. De wedstrijdleider brult dan: “Jan van acquit, Piet schiet”. (Jan en Piet zijn gefingeerde namen) Van acquit gaan betekent bij het Pospel met een schone lei beginnen”; Jan moet een beurt overslaan (als dat maar vaak genoeg gebeurt beland je vanzelf in de finale), en Piet begint. Alle spelers die drie poedels maken verlaten de poule, tenzij je op de “Koe” zit. Zodra na diverse rondes er nog drie spelers met minder dan drie poedels over zijn, is de poule uitgespeeld en gaan deze laatste spelers over naar de finale.

Aanraken met hand of bal van een kegeltje of het ovaal kost tien cent. Omstanders die de speler betrappen op het omkegelen, het raken van een kegel of het ovaal roepen luid en duidelijk: “muziek”. De wedstrijdleider registreert de muziek en brengt na afloop van de partij iedere speler zijn aandeel in de muziek in rekening en stopt ook die bijdrage in de muze.

De tactische adviezen van de omstanders zijn vaak geheel waardeloos. Je zou denken, dat je de kegels of het ovaal zo min mogelijk moet raken of verplaatsen. Fout! Raken van kegels of ovaal maakt niets uit voor eventuele partijwinst, het kost je alleen wel geld. Het gaat erom met de witte bal de rode bal te raken en de uitgangspositie voor degene die na jou komt zo moeilijk mogelijk te maken. Dit laatste is vrij lastig. Als je de rode bal mist krijg je een poedel en degene die als eerste drie poedels heeft, komt op de “Koe” wat wil zeggen, dat hij nog één herkansing heeft. Stoot hij weer mis dan verlaat hij de poule.

Tijdens de finale trakteert de wedstrijdleider op een rondje bitterballen. De finale wordt gespeeld door de negen overblijvende spelers uit de drie poules. Winnaar is hij die in de finale met minste poedels overblijft. De overige finalisten zijn hem met meer dan drie poedels voorgegaan. De drie prijswinnaars krijgen ieder een fles met inhoud van hun keuze. Hoe de wedstrijdleider dat bepaalt, blijft een raadsel. Waarschijnlijk weet hij al in een vroegtijdig stadium wie de drie winnaars zullen zijn. De praktijk is dat de muze ruim genoeg gevuld is om de kosten van de wedstrijd te betalen.

Het verslag van wijlen Dolf de Josselin de Jong in Harmonieuws-2018-4 (pagina 5) geeft een aardig sfeerbeeld van het potspel.